Tata duurzaam? Stof tot nadenken!

NIEUWS TATA STEEL

Ingezonden brief door Ineke Holtwijk, voormalig journalist de NOS / Volkskrant en inwoonster van Wijk aan Zee

Een delegatie van Tata gaf maandagmiddag bewoners van Wijk aan Zee tekst en uitleg over roetregen van grafiet die het dorp al maanden teistert.

Maatregelen die Tata nam, haalden tot nog toe weinig uit. De bewoners waren bezorgd en ook boos; de vertegenwoordigers van Tata bij wijlen nederig. De directeur Staal en IJzer: ‘Van allen hier aanwezig ben ik het meest schuldig.’ Was de bijeenkomst afdoende? Eerst zien, dan geloven, was de overheersende stemming onder de bewoners.

Wat viel op? Dat er ondanks alles toch ook nog onder bewoners loyaliteit is voor het staalbedrijf. Dat er geen wethouder of gemeenteraadslid uit Beverwijk was, hetgeen de bewoners zeer irriteerde. En dat de delegatie van Tata te pas en te onpas herhaalde dat duurzaamheid hoog in het vaandel staat bij het bedrijf. Dat werd door bewoners hardop betwijfeld. Over de rol van de gemeente en de insteek van Tata werden halve waarheden gedebiteerd. Hoe zit het? Allereerst: de gemeente. ‘Maar de vervuiling is toch ook verantwoordelijkheid van de gemeente?’ zei een van de aanwezigen. De Tata-delegatie vond van niet: ‘De gemeente is niet verantwoordelijk voor de vergunning.’

Klopt. De (milieu)vergunningen van Tata komen van de provincie (Gedeputeerde Staten). Maar de gemeente heeft wel degelijk een zware verantwoordelijkheid. Zij moet namelijk waken over de veiligheid en het welzijn van haar inwoners. Anders gezegd: de gemeente moet ervoor zorgen dat haar grondgebied veilig, schoon, gezond en mooi is. De gemeente reguleert dat met een bestemmingsplan en een eigen pakket vergunningen (zoals bijvoorbeeld voor brandveiligheid, kappen van bomen, parkeren, gevelreclame en bouwwerkzaamheden).

Omdat zij de verantwoordelijkheid voor gezondheid heel serieus neemt, bepaalde de gemeente Rotterdam jaren geleden dat er geen bouwvergunningen voor huizen worden uitgegeven in gebieden waar de normen voor luchtkwaliteit overschreden worden. Omdat kinderen de meest kwetsbare groep zijn, gelden in Rotterdam voor de bouw van scholen en kinderdagopvang nog strengere eisen.

Uit divers onderzoek blijkt namelijk dat kinderen, die blootgesteld worden aan hoge concentraties luchtverontreiniging, gezondheidsproblemen krijgen. Wat doet de gemeente Beverwijk? Zij stimuleert woningbouw in Wijk aan Zee, alsof het dorp een gewone leefomgeving is, inclusief voor de gezondheid. Strandhuisjes, nieuwe huizen. Hoe meer hoe vitaler het dorp, is de redenering. En wie wil de gemeente Beverwijk met name in de nieuwbouw krijgen? Gezinnen met jonge kinderen. Zelfs de zandbakken in Wijk aan Zee zijn risicovol. Het is op zijn zachtst gezegd ondoordacht beleid. En als bewoners gezondheidsklachten of andere overlast rapporteren? ‘Dan had jij maar niet in Wijk aan Zee moeten gaan wonen’ Diverse bewoners vertelden tijdens de bijeenkomst dat hen dit meer dan eens voor de voeten was geworpen. Een onzinnig verwijt. De gemeente treft blaam. Zij negeert dat de dorpsbewoners – oud en nieuw – feitelijk op een hoek van een industrieterrein huizen. En niet zomaar een industrieterrein, maar een van de laatste plekken in Nederland met zware industrie.

Duurzaamheid: woorden versus daden

En dan Tata! Als Tata duurzaamheid zo belangrijk vindt, wat heeft het bedrijf dan de afgelopen tien jaar op dit vlak gedaan, vroeg een van de bewoners. De directeur IJzer en Staal noemde als voorbeeld de doekfilterinstallatie op de afzuiginstallatie van de sinterfabriek. Belangrijk? Ja. Overtuigend? Geenszins. Het werkelijke verhaal is dat de doekfilters afgedwongen zijn en het bedrijf zich tegen deze milieumaatregel destijds tot het uiterste verzetteIn de sinterfabriek krijgt het ijzererts een eerste bewerking: het wordt verhit zodat gassen eruit verdwijnen. In deze rookgassen die via de schoorsteen de lucht ingaan, zitten fijnstof, zware metalen en dioxinen. Tata (Corus toen) gebruikte voor reiniging een verouderde methode. Sinds 2013 draaien de doekfilterinstallaties bij het bedrijf waardoor de uitstoot minder vuil wordt. Het was een uitzending over Wijk aan Zee van het tv-onderzoeksprogramma Zembla vijf jaar eerder die de bal aan het rollen bracht. ‘Het Gif van Corus’ stelde dat bewoners in het gebied een grotere kans hadden op longkanker en andere ernstige aandoeningen vanwege de uitstoot van het ijzer- en staalbedrijf. De minister van Milieu (toen Cramer) nam het hoog op en liet meteen onderzoek doen. Het RIVM bevestigde dat longkanker meer voorkomt in de IJmond dat de uitstoot een van de redenen zou kunnen zijn. Maar dat dit niet als een stellig feit gepresenteerd kon worden. De Dorpsraad kwam in het geweer en procedeerde tot aan de Raad van State tegen de toegekende vergunning. Corus/Tata verloor op alle punten en moest de doekfilters aanleggen.

Een ander, heel recent voorbeeld. Tata heeft de overheid dit jaar dispensatie gevraagd voor een te hoge uitstoot van stikstofgassen bij een van de hoogovens. Dat had niet gehoeven; er is techniek om de uitstoot te verminderen. Tata vindt het echter te duur. Het plafond voor uitstoot is op verzoek van Tata door de provincie sinds vorige maand met veertig procent verhoogd. Hoe is dat te rijmen met Tata dat zegt dat duurzaamheid voorop staat? Een kwestie van calculeren, aldus de directeur IJzer en Staal van het bedrijf. De vijftig miljoen euro voor een installatie waarmee stikstofoxiden afgevangen kunnen worden, besteedt Tata liever aan een installatie voor de cokesfabriek. Die stoot namelijk CO2 uit en ‘dat is veel schadelijker’, aldus de directeur op de bewonersbijeenkomst.

Hoogoven 7.  De sportwagen onder de ovens volgens Tata waar nooit wat mee aan de hand is. Helaas Tata!

Halve waarheid.

De afvang van het broeikasgas CO2 levert geld op. Dat – en niet de zorg over schadelijkheid – is de reden dat Tata daar liever op inzet. De regering heft belasting op CO2 die bedrijven uitstoten. En Tata is de nummer twee op de ranglijst van grote CO2-uitstoters in Nederland. Het is waar dat de ene stikstofoxide veel schadelijker is dan de andere. Maar meestal komen zij gelijktijdig voor. Het plafond voor stikstofoxiden is er ook niet voor niets. De uitstoot is schadelijk voor de luchtwegen, belemmert de plantengroei en draagt ook nog eens bij aan het broeikaseffect. Op de vraag van een bewoner waarom het bedrijf niet alle twee de uitstoot-problemen aanpakt, kwam geen antwoord van de Tata-delegatie.

‘Wat is er tegen om het beste jongetje uit de klas te zijn en werk te maken van duurzaamheid? vroeg een bewoner. Een ander was resoluut: ‘Tata zet nu omzetverhoging voorop ten koste van milieuschade voor de omgeving. Het bedrijf zou het milieu als prioriteit moeten hebben. Als de uitstoot schadelijk is voor de omgeving, moet de productie aangepast worden.’ Maar duurzaamheid staat bij Tata voorop, onderstreepte de Tata delegatie. ‘Onze CEO (van Tata Steel Europe) is vastbesloten van Tata een bedrijf te maken dat duurzaam is in alle opzichten,’ aldus de directeur IJzer en Staal.

De cijfers en informatie van de werkvloer spreken hem tegen. Alles in het bedrijf is erop gericht om de productie omhoog te jagen. In de staal- en ijzersector is alleen winst maken door omzetvergroting. Hoogovens 6 en 7 en de staalfabriek produceren boven de capaciteit die de ontwerpers van de installaties hebben aangegeven. Gevolg: de vervuiling is groter dan de installaties aan kunnen. Om dit op te vangen worden hier en daar aanpassingen gemaakt. En als een aanpassing te duur bevonden wordt (zie het eerder genoemde voorbeeld van de stikstofoxiden) vraagt Tata dispensatie bij de overheid. Of er wordt uitgestoten. Dan kijkt het bedrijf of het ermee wegkomt. Naar verluidt in het dorp worden ’s nachts regelmatig de filters stiekem schoon geblazen.

De Nederlandse overheid gaat flexibel om met de wensen van het bedrijf. Soms komt de provincie met een boete wegens te hoge uitstoot. Dan protesteert Tata. Tata heeft twee cokesfabrieken. De oude was bedoeld om vijftien jaar dienst te doen. Hij staat er nu na 45 jaar nog. De installatie is verouderd; zo lekken de deuren. Dat is te ruiken in Wijk aan Zee als de wind op het dorp staat. In 1984 is een andere oude cokesfabriek van het bedrijf volledig herbouwd. Die werkt met een minder vervuilende techniek. Het kan dus wel. Maar een oude cokesfabriek in de lucht houden en oplappen, is aan het einde van de streep goedkoper. Dus wordt het zo gelaten. Dan stinkt het maar!

Na de fusie met ThyssenKrupp lieten de dealmakers al doorschemeren dat er in de toekomst meer staal in Velsen gemaakt zal worden. De Nederlandse vergunning geeft de mogelijkheid de productie op te stuwen tot acht miljoen ton staal. Tata zit nu naar eigen zeggen op ruim zeven miljoen. Meer staalproductie naar Nederland verhuizen betekent verschuiving van het vuile werk naar Velsen. Waarom? Een van de reden is dat de Duitse overheid de Europese regelgeving (lees: maximale emissie uitstoot) strakker handhaaft dan die in Nederland.

Het personeel wordt met geld geprikkeld om de productie op te voeren. De winstdeling voor alle personeelsleden (soms meer dan een maand extra salaris) is indirect gekoppeld aan afzetverhoging van het staalbedrijf. Ook de bonussen zijn gerelateerd aan omzetverhoging. Waar ben is men mee bezig als jij hogere bonussen uitkeert als jouw bedrijf meer vervuilt? Dat zou anno 2018 anders kunnen en moeten. Tata IJmuiden keerde de afgelopen twintig jaar meer dan een miljard euro aan bonussen en winstdeling uit. Daarnaast werd via rentebetalingen een nog groter bedrag aan verkapt dividend betaald aan de eigenaren. Met het credo ‘duurzaamheid voorop’ had een deel van dit gigantische bedrag geïnvesteerd kunnen worden in milieumaatregelen. Dan was veel van de huidige overlast voorkomen.

Er is niets tegen het beste jongetje van de klas te willen zijn. Jij mag dat ook rond toeteren. Alleen, jij moet er wel wat voor doen. Om te beginnen acceptabele milieugrenzen stellen; jezelf eraan houden en milieuwinst (en niet capaciteitsverhoging) tot een breed gedragen prioriteit in jouw eigen organisatie maken.

‘De productie gaat altijd voor. Het lijkt wel of onze gezondheid minder belangrijk is,’ verzuchtte een dorpsbewoner maandag. Helaas, de cijfers en het beleid bevestigen deze sombere conclusie. Duurzaamheid is bij Tata een kwestie van calculeren, zoals wij nu weten.


1 thought on “Tata duurzaam? Stof tot nadenken!

  1. Een gepeperd bericht waar weinig aan toe te voegen is. Eindelijk iemand die de waarheid hard op durft te zeggen. Helaas kon ik er zelf niet bij zijn. Maar ben erg blij net dorpsgenoten die voor ons opkomen.

Comments are closed.